De Quiz

1. Wat doe jij als jouw inkomen binnenkomt (zakgeld, bijbaantje of studiefinanciering)

A - Ik heb de uren geteld totdat ik het heb en zorg er daarna voor dat het binnen een dag op is.

B -  Ik heb al minstens tien plannen liggen om het op te maken en als ik het geld in handen heb, kies ik uit één plan de beste.

C - Ik zet het op één van mijn spaarrekeningen.

 

2. Je loopt in de stad en ziet een te gekke cd. Wat doe je?

A - Het is al gekocht vóórdat ik er erg in had.

B - Check bij vrienden even of hij echt te gek is, en koop het dan alsnog.

C - Wacht wel tot hij in de aanbieding is. Wel een gokje…

 

3. In een schoenenzaak merk je dat ze een aanbieding hebben: twee paar schoenen voor de prijs van één. Wat doe je?

A - Was toch al van plan om zowel laarzen als lage schoenen te kopen dus inladen maar.

B - Probeer schoenen voor het huidige winterseizoen én alvast voor de zomer te scoren.

C - Ik heb nog prima schoenen en ga pas kopen als ik echt nieuwe nodig heb.

 

4. Je bent op zoek naar een nieuwe mobiel. Hoe ga je te werk?

A - Hup naar de winkel en kopen maar.

B - Je wilt vooral de kosten in de hand houden, gaat voor een prepaid en kijkt via verschillende internetsites naar de mogelijkheden.

C - Ach, wat moet je ook met een mobiel. Je belt wel via de huistelefoon van je ouders….

 

5. Je wilt op kamers gaan wonen. Hoe pak je dat aan?

A - Je zorgt dat je in de kamer van een vriend kan trekken. Of je de huur kunt betalen, zie je nog wel.

B - Je zet voor jezelf op een rijtje welke uitgaven voor jou belangrijk zijn, en wat je vooral wilt blijven doen (hobby’s). Dan kijk je of je genoeg inkomsten hebt om al deze uitgaven van te betalen.

C - Eerst maar eens sparen voor de uitzet….

 

6. En dan moet die kamer natuurlijk ook ingericht worden. Wat doe je?

A - Oh, da’s makkelijk. Via de gidsen van Wehkamp en Neckermann natuurlijk. Want vandaag besteld….. is morgen in huis.

B -  Als ik de belangrijkste spullen maar heb, de rest komt later wel.

C - Je timmert zelf wat kastjes in elkaar en rijdt een dagje voor de vuilniswagen uit.

 

7. Je bent echt helemaal blut. Wat doe je?

A - No problemo, er is altijd wel iemand die wel rijk is, ik leen gewoon effe.

B - Tijd om mezelf en mijn uitgavenpatroon toch eens goed en eerlijk in de spiegel te bekijken.

C - Dit moet een nachtmerrie zijn. Dat kan mij toch niet overkomen?

 

8. Een goede vriend van je wil geld van je lenen, wat doe je?

A - Tuurlijk, moet kunnen… oh nee… nu heb ik zelf niks meer….!

B - Ik maak wel even goede afspraken over het terugbetalen… en ik houd hem er ook aan!

C - Als hij het door mijn advocaat opgemaakte standaardcontract tekent, ga ik wel akkoord.

 

9. Je hebt een paar onbetaalde rekeningen. Wat doe je?

A -  Hoezo, moet ik wat doen dan….?

B - Je maakt een plan om ze stuk voor stuk te betalen en baalt ervan dat je een tijd weinig geld hebt.

C - Oh nee…. Nóg een nachtmerrie!!!

 

terug      verder

Realisatie door Four Digits op basis van Plone.